Mijn eerste samenwerking met FASHIONCLASH was in 2024 toen ik mijn afstudeer werk (ULTRA-ORA) mocht vertonen in een van de exposities van het festival. Dit was ook het weekend dat ik de performances van het CLASH house zag in de Sint-AnnaKerk en ik geïnspireerd werd om hier ook aan deel te nemen. In mei 2025 werd mijn aanvraag om mee te doen aan The CLASH house goedgekeurd, dit startte een 6 maanden durend proces van de collectie en performance produceren.
Het maken van een performance in samenhang met een nieuwe collectie was iets wat ik nog niet eerder had gedaan en wat daardoor een mooie mogelijkheid gaf om het design/maak proces in nieuwe, onverwachte richtingen te laten gaan. Vanuit Fashion Clash werd ik begeleid in het ontwikkelen van het verhaal en de choreografie. Deze ontwikkelingen gingen dan ook weer hand in hand met het concept en de kleding waardoor er een workflow ontstond waar er niet een deel leidend was maar er juist ruimte was om elkaar te beïnvloeden.


Aan de hand van deze ontwikkeling van het verhaal ben ik aan de slag gegaan met mijn broer (Raf Bustin) om muziek te maken die bij de voorstelling zou passen. In dit proces liet ik hem bij onze besprekingen de vooruitgang van het project zien. Hierop ging hij dan aan de slag met geluidsschetsen maken waaruit ik dan weer de dingen haalde die ik goed vond passen. Dit leidde tot een eindproduct dat zowel mijn Broers’ interpretatie als mijn visie was.
Het uiteindelijk bij elkaar zien komen van al deze aspecten in de locatie bij ENCI gaf mij dan ook een heel nieuwe kijk op mijn eigen werk.
Participatory Trajectory
Naast de performance nam ik ook nog deel aan een panel talk met als focus co-creatie binnen mode, wat aansloot op een deel van mijn project. Naast het hoofd traject van the CLASH House was ik gekozen om mee te doen aan de participatory trajectory om mensen die niet in de kunstwereld zitten hier wel in aanraking mee te brengen. Mijn benadering hiervan was het opzetten van zeefdruk workshops in Arnhem. Bij deze panel talk kreeg ik ook de kans om dieper in te gaan op de materie van mijn kunst.


Binnen mijn werk gebruik ik altijd story-telling als een basis om de kleding te ontwerpen en politieke / maatschappelijke onderwerpen te verweven in de stukken. Het risico hiervan is echter dat de boodschap verloren kan gaan voor mensen die hier niet op letten. Het meer in detail kunnen uitleggen was daarom dus een welkome toevoeging aan het debuut van mijn werk. Interessant was ook om te zien hoe de andere deelnemers te werk waren gegaan met dit aspect van co-creatie en om in gesprek te kunnen gaan met elkaar / het publiek om zo visies op de modewereld met elkaar uit te wisselen.
Photo’s by Laura Knipsael & Jonathan Widdershoven


